Maak met de haren van de (electrische) tandenborstel een hoek van 45 graden op de grens tussen tanden en tandvlees. Maak korte heen en weergaande bewegingen en zorg ervoor dat de borstelharen vrijwel op hun plaats blijven. Doe dit aan de buitenkant en vervolgens de binnenkant van je bovengebit. Bij het ondergebit gaan we op precies dezelfde manier verder en in dezelfde volgorde. De achterkant van de voortanden, zowel boven als onder, kunnen we het best poetsen door de tandenborstel verticaal te houden en vervolgens heen en weerbewegingen te maken.
Gebruik bij voorkeur een zachte tandenborstel. Hiermee heb je minder kans je tandvlees te beschadigen. We adviseren de tandenborstel elke drie maanden te vervangen.